Ongetwijfeld bekend: de positieve psychologie werd rond de eeuwwisseling door Seligman en anderen opgericht als tegenwicht voor de psychologie die zich vooral richtte op wat er mis kan zijn met mensen. In aanvulling daarop moest er meer aandacht van wetenschap en praktijk gericht worden op wat er goed kan zijn. Wat maakt dat mensen floreren? Er is ondertussen een hoop werk verricht, maar tegelijkertijd blijft het soms schuren. Is er ook een negatieve psychologie? Voor wie is de positieve psychologie nou bedoeld? En wat kunnen we daarmee in de praktijk? Naar aanleiding van het meest recente Europees congres Positieve Psychologie deel ik mijn ervaringen en overdenkingen, maar eerst een korte terugblik.
Geschiedenis van de positieve psychologie in een notendop
Geluk, welbevinden en het goede leven zijn thema’s waar al eeuwenlang door grote denkers over wordt gesproken. Denk aan Epicures die gelinkt wordt aan het hedonisme en Aristoteles die beschrijft wat een deugdzaam, goed leven is. In de moderne tijd schreef Abraham Maslow over zelftranscendentie en zelfs een hoofdstuk getiteld ‘Toward a positive psychology’ in zijn boek Motivation and Personality (1954). Martin Seligman startte het veld zoals we dat nu kennen. De focus moest komen te liggen op positieve gevoelens, eigenschappen en instituties.
In de opvolgende jaren werd mooi werk verricht en verspreid (denk aan de broaden & build-theorie, of de VIA Character Strengths). Tegelijkertijd waren er ook veel kwalitatief matige studies over bijvoorbeeld geluksoefeningen die vervolgens in de praktijk een heel eigen leven gingen leiden. Positieve psychologie werd te makkelijk gebruikt als onderbouwing dat we vooral naar het positieve moesten kijken. Er was weinig oog voor tegenslag en minderheden, wat leidde tot terechte kritiek (krachtig samengevat in de titel van het boek van Barbara Ehrenreich, ‘Smile or die’).
Dit leidde gelukkig tot nieuwe golven van positieve psychologie. Met voorvechters als Tim Lomas, Paul Wong en vele anderen ontwikkelde het veld zich. In de tweede, derde en vierde golf komt er meer en meer aandacht voor tegenslag en veerkracht, voor meer diverse culturen, voor het systeem rondom het individu en voor andere vakgebieden.
Waar staan we nu?
Deze ontwikkelingen maken het veld naar mijn idee rijker. Tegelijkertijd lijkt het in de praktijk soms ook complexer te worden. In ons diverse werk als positief psychologen konden we altijd mooie interventies inzetten. Een positief dagboek, sterke kanten leren kennen, een waarderend gesprek. Dat kan nog steeds, maar hoe betrek je het hele systeem in je spreekkamer?
Bovendien komen er nieuwe geluiden op: de positieve psychologie moet zich meer laten horen. De positieve psychologie richt zich op het onderzoeken en vergroten van het floreren van mensen. Daarom zien mensen ook een belangrijke verantwoordelijkheid. Zeker met de ellende die we in onze tijd zien: oorlog en oorlogsmisdaden, klimaatcrisis, toenemende ongelijkheid, bedreigingen van de democratie. De positieve psychologie als wetenschap en praktijk heeft daar wat over te zeggen!
Michael Steger heeft daar een idee over: regeneratieve positieve psychologie. De focus van de positieve psychologie zou moeten liggen op het versterken en creëren van systemen die het leven ondersteunen, die bijdragen aan het floreren van mensen. Dat betekent het systeem van een team, organisatie, school, gemeenschap. Maar ook groter: een leefgebied en uiteindelijk de planeet waarop het floreren van al wat leeft ondersteund wordt.
Dat is best ingewikkeld. Persoonlijk moeilijk, omdat we een helder onderscheid moeten maken tussen eigen, persoonlijke (politieke of andere) voorkeuren en onderbouwde ideeën over wat nodig is voor het floreren. Maar ook moeilijk om dat grote doel (bijdragen aan florerende mensen op de hele wereld) te bereiken binnen je eigen activiteiten, baan.
Met die spagaat vertrok ik naar Dublin. En kwam ik tot enorm simpele maar ook waardevolle inzichten.
Van het redden van de wereld naar jouw eigen kleine rol
Dit congres hoopte ik op mooie gesprekken, inzichten en een gevoel van ‘dit klopt’, om richting te vinden om met die spagaat om te gaan. Hoe kan ik in mijn dagelijks werk, vanuit mijn kennis en ervaring in positieve psychologie, nou bijdragen aan die regeneratieve systemen die het floreren versterken?
Het belangrijkste en tegelijk simpelste inzicht is iets wat we allemaal kunnen toepassen. Als we willen bijdragen aan het floreren van grotere systemen, moeten we ons daarop richten! Hoe? Door ernaar te vragen en aandacht aan te geven. Als ik een individuele cliënt help, bijvoorbeeld met het meer gebruiken van sterke kanten, kan ik ook vragen hoe die sterke kanten bijdragen aan het floreren van anderen. Help ik een team met hun veerkracht of autonomie, dan praten we ook over het ondersteunen daarvan bij mensen van andere teams.
Vraag aan jouw doelgroep: hoe draagt jouw voornemen bij aan het floreren van anderen?
- Als we praten over (het helpen van) ‘disadvantaged communities’, groepen/gemeenschappen die een achterstand hebben: hoe zorgen we dat we die groepen niet alleen bereiken met onze interventies, maar ook echt verbinding maken? We kunnen enorm veel leren, als we ons openstellen voor die groepen. Zoals in het gemeenschapswerk (Asset-based community development) wel wordt gesproken: niet voor de mensen, maar met en door de mensen zelf! Laten we leren van anderen.
- Is er een betere naam voor het veld? Vaak hebben we het dan over dat woordje ‘positief’: zou het moeten gaan over floreren, optimaal functioneren, …? Maar ook het woord ‘psychologie’ is wellicht toe aan een aanpassing. Als we een meer interdisciplinair veld willen zijn, hoe gaan we dan de verbinding aan met economie, sociologie, etc.?
- Mogen of moeten we als positief psychologen ook (tot op zekere hoogte) normatief zijn? En dan niet normerend op alles en natuurlijk met compassie naar ieder mens. Maar wel: normatief in die zin dat we willen bijdragen aan een groter, breder floreren en dat we er wat van mogen vinden als mensen daar schade aan doen.
Naast die belangrijke basis, heb ik uit workshops, keynotes en vooral ook goede gesprekken nog een aantal inzichten opgedaan die volgens mij waardevol zijn voor de ontwikkeling van het veld van de positieve psychologie.
Ik sluit af met een quote van de nieuwe president van de internationale positieve psychologie-associatie, Tayyab Rashid. Hij vat misschien wel precies samen waar het ‘positieve’ in positieve psychologie om draait: het versterken, het promoten van het goede en niet enkel het tegengaan, voorkomen of oplossen van het slechte.
‘Ethics is not merely about avoiding harm. It is about actively promoting human flourishing.’ (Tayyab Rashid, ECPP 2026)